Een all-electric woning op een 10 ampère aansluiting klinkt als een tegenstrijdigheid. Een warmtepomp, een laadpaal en een inductieplaat vragen samen zoveel vermogen dat de meeste mensen eerder aan een zwaardere aansluiting denken dan aan een lichtere. Toch bestaan er woningen die precies dat doen, en het idee erachter is ook in een gewoon smart home bruikbaar.
Zo’n aansluiting levert ongeveer 2,3 kilowatt, tegenover ruim 17 kilowatt bij een gangbare driefasenaansluiting van 3×25 ampère. Het verschil wordt gedicht door te regelen wanneer apparaten stroom vragen, in plaats van het net op te laten draaien voor het drukste moment. Hieronder lees je hoe dat principe werkt, wat het met netcongestie te maken heeft en hoe je met meten, spreiden en bufferen een eenvoudige variant in je eigen huis bouwt.
Waarom de piek het probleem is en niet het verbruik
Een aansluiting is een plafond en geen jaarbudget. Een huis met warmtepomp, laadpaal en kookplaat verbruikt over de dag veel minder dan het in theorie tegelijk zou kunnen vragen. Alleen die paar momenten waarop alles samenvalt bepalen hoe zwaar de aansluiting moet zijn.
Denk aan een restaurant met een kleine keuken. Die keuken redt tachtig couverts, zolang het voorwerk gedaan is en alles wat even kan wachten op de warmhoudplaat staat. De aansluiting is de keuken, een batterij en een warmwaterboiler vormen de warmhoudplaat en de software is de chef die weet wanneer het druk wordt. Wie de piek afvlakt, heeft een lichtere aansluiting nodig. Dat lukt door apparaten om de beurt te laten draaien, door een batterij als buffer te gebruiken, of door beide te combineren.
Netcongestie: waarom netbeheerders meekijken
Elke woning die een zwaardere aansluiting aanvraagt, claimt netcapaciteit die op veel plekken schaars is. Sinds 1 juli 2026 komen huishoudens die een zwaardere aansluiting willen op een wachtlijst met ACM-prioriteit, een regeling die we eerder uitlegden in de nieuwe stroomafspraken van de ACM. Een woning die haar eigen piek afvlakt, vraagt het net om minder.
Daar wijst ook onderzoek van CE Delft op, uitgevoerd in opdracht van onder meer Holland Solar en Energie-Nederland. Het keek naar de ruim vijf miljoen woningen met een eenfasige aansluiting en concludeert dat een energiemanagementsysteem dat laadpaal, warmtepomp en batterij op elkaar afstemt de sleutel is. Met zulke sturing is de belasting van het net bij een 1×35 ampère aansluiting vaak even groot als bij 3×25 ampère. Wat verzwakken of verzwaren voor jouw situatie betekent, staat in ons artikel over de stroomaansluiting verzwakken.
Hoe ver je kunt gaan: het 10A-concept uit Nunspeet
Installateur Eplucon laat zien hoe ver je met dit principe komt. Het bedrijf uit Nunspeet bouwt woningen die volledig elektrisch draaien op 1×10 ampère. Het net, zonnepanelen en een batterij zijn daar de drie bronnen, en regelsoftware weegt weer, zonopbrengst en energieprijs mee. Volgens Eplucon is er zo tot zeven keer minder netcapaciteit nodig dan bij een gewone aansluiting.
Volgens vakmedia uit 2023 en 2024 staan er in Nunspeet zeven van die woningen, met meer dan twintig onderweg in een Overijssels dorp. Het vakblad E&W Installatietechniek beschreef een van die huizen: drie batterijen met samen 17 kilowattuur, een modulerende bodemwarmtepomp van 1 tot 9 kilowatt, een boiler van 165 liter en veertig zonnepanelen, in een woning met een zeer hoge isolatiewaarde (Rc 8,2). Op een drukke kerstdag schakelde het systeem de warmtepomp en de wasmachine even uit om de keuken stroom te geven. Zo ziet de chef uit onze analogie er in de praktijk uit.
Dit zijn wel de gegevens van de fabrikant en van vakpublicaties. Onafhankelijke meetresultaten over een volledig stookseizoen kwamen we niet tegen. Eplucon zelf zegt dat het concept het best past bij goed geïsoleerde nieuwbouw en verwacht niet dat elk huis op 10 ampère hoeft te draaien.
10A-denken in je eigen smart home
Je hoeft je meterkast niet te verkleinen om dezelfde logica te gebruiken. Het principe valt uiteen in drie stappen: meten waar het vermogen heen gaat, de pieken spreiden en het overschot bufferen.
Stap 1: meten waar je vermogen blijft
Een aansluiting heeft een plafond, en dat plafond raak je zelden met het hele huis tegelijk. Meestal zijn het twee of drie grootverbruikers die toevallig op hetzelfde moment aanstaan. Een slimme stekker met verbruiksmeter laat die pieken per apparaat zien, in watt. Zet er een bij de droger, de vaatwasser en de airco, en na een week weet je precies welke combinatie de boel op spanning zet. Tips voor het opsporen van energieslurpers vind je in onze vergelijking van slimme stekkers met verbruiksmeter.
Binnen Apple Home is de Eve Energy de logische keuze: die praat via Thread met je ecosysteem en toont het verbruik in de Eve-app. Wil je simpelweg meten en schakelen, dan doen de TP-Link Tapo P110 en de Tapo P115 hetzelfde via de Tapo-app. Meer slimme stekkers van Eve vind je op de merkpagina.
Stap 2: spreiden, zodat pieken elkaar niet raken
Spreiden werkt op twee manieren: met tijd en met prioriteit. Met tijd bedoelen we dat de wasmachine, droger en vaatwasser draaien als de rest van het huis rustig is. Hoe je dat instelt, lees je in ons artikel over witgoed slim automatiseren.
Prioriteit regel je bij de grootste verbruiker. Een laadpaal zonder sturing vraagt volgens CE Delft al snel ruim 11 kilowatt, meer dan een eenfasige aansluiting kan leveren. Dynamic load balancing lost dat op: de lader meet wat de rest van het huis verbruikt en geeft ruimte weg zodra de warmtepomp of kookplaat vermogen nodig heeft. De Anker SOLIX Wallbox V1 heeft dynamisch load management aan boord en kan overtollige zonnestroom gebruiken, zodat je het laadvermogen afstemt op wat je aansluiting aankan. Meer opties staan bij de EV-laders.
Voor de warmtepomp geldt hetzelfde principe. De tado° Warmtepomp Optimizer X is een slimme regelaar die bovenop je bestaande warmtepomp komt en je via de app bediening geeft. Met de optionele tado° Balance kan hij bovendien verwarmen op de momenten dat stroom met een dynamisch contract goedkoop is, in plaats van op vaste tijden. Hoe warmtepompen in de plannen voor de komende jaren passen, lees je in ons artikel over de hybride warmtepomp die vanaf 2029 verplicht wordt.
Stap 3: bufferen met een thuisbatterij en je boiler
De batterij is de warmhoudplaat van het systeem. Overdag vult hij zich met zonnestroom, ’s avonds haal je het vermogen voor koken, verwarmen en laden uit de batterij in plaats van uit het net. Ook een warmtepompboiler is een buffer, alleen dan in warm water in plaats van in stroom. Hoe dat werkt met SG-Ready staat in ons artikel over je warmtepompboiler als thuisbatterij.
De Marstek Venus E laat zien dat dit ook zonder nieuwbouw kan. Het AC-gekoppelde systeem heeft 5,12 kilowattuur aan capaciteit, een in- en uitgangsvermogen tot 2.500 watt en is modulair uit te breiden tot 15,36 kilowattuur. Dat is dezelfde orde van grootte als de 17 kilowattuur in het Nunspeetse voorbeeld. Een kanttekening is dat een batterij de piek alleen afvlakt zolang hij geladen is, en dat je zekering gewoon de zekering blijft.
Waar de grens ligt
Een 10 ampère aansluiting is een ontwerpkeuze voor goed geïsoleerde nieuwbouw, geen tip voor je bestaande meterkast. Voor woningen die al staan kijkt de branche naar 1×25 of 1×35 ampère met slimme sturing, en zelfs dan is een warmtepomp met laadpaal samen op 1×25 ampère volgens CE Delft niet haalbaar. Of jouw combinatie past, bepaalt een erkend installateur, en een aanpassing van de aansluiting loopt altijd via je netbeheerder.
Wat je wel kunt overnemen is de manier van denken: pieken kennen, verdelen en bufferen. Daarmee blijf je binnen de aansluiting die je nu hebt, ook als er een warmtepomp, laadpaal of batterij bijkomt.
Wil je dat zelf uitwerken, begin dan met zicht op je verbruik en bouw van daaruit uit naar sturing en opslag. Het complete overzicht van energieproducten op tink.nl helpt je daarbij op weg, van slimme stekkers en laders tot thuisbatterijen.








